Gemma haalde al honderd liefste wensen
‘De kunst is echt te kijken en echt te luisteren’
Zes jaar geleden begon Gemma Diender uit Ugchelen als wenshaler bij Make-A-Wish en inmiddels heeft ze –ongelooflijk maar waar!- de honderd aangetikt. ‘Ik heb het gevoel dat we altijd verlichting en veerkracht komen brengen, dat is zo mooi.’
Als de middelste van zeven kinderen, zo groeide Gemma Diender op. ‘Ik zat er letterlijk middenin. Als je drie oudere maar ook drie jongere broers en zussen hebt, kijk je altijd alle kanten op: hoe gaat het met iedereen, waar is iedereen, heeft iemand iets nodig. Je komt ogen en oren tekort en wilt dat het zo goed mogelijk loopt in het gezin. Mijn moeder was mijn voorland. Zij, een zorgzaam type, was in de oorlog zeventien toen ze ging werken als verpleegster in een ziekenhuis. De liefde voor de zorg sprong over van haar op mij.’
Het was na de middelbare school toen de jonge Gemma de afslag moest nemen. ‘Zou ik later het onderwijs in gaan of toch de verpleging? Uiteindelijk koos ik voor het gezonde kind, dus het onderwijs, maar als remedial teacher stond ik daar wel aan de zorg-kant. Op een gegeven moment kwam het vrijwilligerswerk in een hospice op mijn pad. Zo kon ik een steentje bijdragen aan een extreem bijzonder moment in het leven van mensen. Ik heb het als heel dierbaar ervaren om bij zulke emotionele en spannende momenten erbij te mogen zijn en iets te kunnen betekenen. Al was het maar het vasthouden van iemands hand.’
Maar in de wereld van de hospice veranderde de laatste jaren veel, het werd met name zakelijker. ‘En ik snapte dat, maar al het gepraat over geld paste niet bij mij. Dus ben ik ermee gestopt. Gelukkig had ik een collegaatje op school die toentertijd zei: “Ik haal wensen voor Make-A-Wish.” Ze vertelde me verhalen over de gesprekken die ze met kinderen en hun omgeving had. Dat het ondanks de nare ziektes die soms levensbedreigend zijn en al die vreselijke behandelingen met zich meebrengen tóch zulke mooie, onvergetelijke gesprekken waren. Dat het toewerken naar vragen als ‘wat zou jij nou echt leuk vinden’ of ‘wat zou je echt willen worden’ of ‘wie zou je echt willen ontmoeten’ prachtige gesprekken opleverde. Ik dacht: já, wenshaler, dat wil ik ook wel worden.’
Wat je niet moest doen en beloven...
En zo gebeurde het dat Gemma zes jaar geleden met een collega tegenover een Marokkaanse jongen zat die heel goed wist wat hij wenste. ‘Hij wilde naar Mekka. Mijn collega, tevens mijn begeleider en coach, zei meteen dat dit niet kon, waarna de jongen enthousiast over een andere wens in het buitenland begon. Maar het bleek dat hij pas tien was, te jong voor een buitenlandse wens, en dus zaten we later weer tegenover hem. Daar zat-ie op de bank. Toen we zeiden: “Wat is nou echt je mooiste wens?”, antwoordde ie heel verdrietig: “Dat heb ik toch al twee keer gezegd?” Ach, dat arme kind. Ik vond dat zo naar. Dit was geen goede start als wenshaler, maar ik begreep meteen wat je allemaal niet moest doen en niet moest beloven.’
Inmiddels is ze gelouterd en getraind in haar ‘vak’ dat ze in de regio Gelderland-Noord, van de Achterhoek tot aan Lelystad, uitoefent. ‘Ik ga er altijd volkomen blanco in en laat me vervolgens leiden door wat ik zie en wat ik hoor. Ik heb steevast een zakje bij me vol frutsels, een prinsessendiadeem, make-up, een stukje lego, een bal, een bloem. Tijdens de honderdste wens die ik haalde trof ik een doof meisje. Ik legde het zakje op tafel en ze pakte onmiddellijk de make-up. Dat was duidelijk en dit werd dus een geweldige make-over, inclusief nog mooiere nagels dan ze al had.’
Ze vertelt dat ze altijd met een zekere ‘gezonde spanning’ op pad gaat, want: wat gaat ze nu weer tegenkomen. ‘Sommige kinderen beginnen meteen heel snel te kletsen, anderen zijn van nature heel stil. Dan begin ik eerst rustig met de ouders, broertjes en zusjes te praten. Met de kleinste wenskinderen ga je spelletjes spelen en probeer je al doende erachter te komen wat in het kind leeft, door heel goed te observeren. Maar onderschat die broertjes en zusjes niet, die weten je heel veel te vertellen, omdat kinderen elkaar zo goed kennen, doordat ze zoveel samen spelen, samen praten. Broers en zussen weten echt waar ze het over hebben en zijn vaak heel open.’
'Van de honderd wensen mocht ik er af en toe zelf ook bij zijn en dat zijn herinneringen voor het leven.'
Ontroerende eenvoud
Wie honderd wensen haalt, hoort onvoorstelbaar veel speciale verhalen. Zijn er een paar die er dan alsnog uitspringen? ‘Ten eerste: ik vind alle verhalen en alle kinderen sowieso speciaal. Maar wat me altijd bij zal blijven is een super spoedwens van een jongetje dat ging overlijden. Hij had altijd gedacht: ik word boer. Dat stond als een paal boven water voor hem. Hij wilde zo graag een keer op een John Deere, een gigantisch grote tractor. Zijn vader heeft hem op de arm genomen en hem zo in de cabine getild. Dat mannetje heeft daar zitten stralen. Toen is ie ook nog naar een knuffelboerderij geweest en zagen we hem zo staan met de koeien, het was hartverwarmend om zijn omhelzingen te zien. Onvergetelijk vond ik ook Lisa, een meisje dat zo graag een groot kermisfeest voor de hele buurt wilde. Het idee alleen al dat zo’n meisje iedereen zo graag blij wilde zien. En er was een kind dat naar de McDonald’s wilde omdat hij thuis met zijn vader altijd speelde hoe ze de McDrive in reden. Die voorpret was dus al immens, want hoe zou dat nou in het echt zijn? Het is soms van een ontroerende eenvoud. Het knappe van Make-A-Wish is dat bijna alles lukt en heel vaak meer dan dat, daar sta ik steeds weer van te kijken. Van de honderd wensen mocht ik er af en toe zelf ook bij zijn en dat zijn herinneringen voor het leven.’
'De verhalen raken me, de blikken van de kinderen raken me, dat sommige spoedwensen niet meer zo kunnen zijn als vooraf bedacht, raakt me.'

Gemma's geheim
Ze houdt een boekje bij. Daar schrijft Gemma alles in wat ze hoort en ziet van de wenskinderen. ‘Ik ben die verhalen gaan nummeren en zo kwam ik erachter dat ik al honderd wensen had gehaald.’ Na zes jaar is ze met recht een routinier en dan is de vraag: wat is haar geheim? ‘De kunst is echt te kijken en echt te luisteren. En daarna pas in te spelen op wat er is gezegd en wat er is gebeurd. Het klinkt heel gek, omdat het natuurlijk wel om zieke kinderen gaat, maar ik vind wenshalen vaak een feestelijk iets. Omdat ik me altijd zo welkom voel; de kinderen en hun families stralen allemaal uit dat ze er zin in hebben, omdat zo’n wensvervulling zó leuk wordt. Kinderen zijn heel vaak zo lekker open, die vertellen zoveel.’
En daarmee draait ze de vraag ‘wat is je geheim’ als vanzelf om. Gemma brengt veel, maar haalt er minstens zoveel liefde uit. Het geheim, dat zijn de kinderen zelf. En natuurlijk, het is heus niet enkel feest. ‘De verhalen raken me, de blikken van de kinderen raken me, dat sommige spoedwensen niet meer zo kunnen zijn als vooraf bedacht, raakt me. Het ene gesprek raakt me ook meer dan de andere, dan moet ik er daarna ook echt even over praten met Anneke Boek van Make-A-Wish of een teamleider. Ik ben zelf moeder en oma, ik kan me heel goed inleven. Kijk, mijn kleindochter heet Nora en ik kwam een keer bij een meisje op bezoek dat ook Nora heet. Dan denk ik toch sneller: afgrijselijk wat deze Nora moet meemaken. Ik heb wel echt moeten leren om een knop om te zetten, zoals ik dat ook deed in mijn tijd bij de hospice. Tijdens de reis naar huis moeten de verhalen landen en ook weer uit mijn hoofd waaien. Anders houd je het niet vol.’
Daarbij sterkt het haar dat ze haar rol feilloos kan duiden: ‘Ik kom iets leuks brengen en laat kinderen even uit hun nare verhaal breken, ik heb het gevoel dat ik verlichting breng en ze veerkracht geef. Ze beginnen aan een Wish Journey en gaan dan ergens naar toeleven, iets dat ‘wow’ is. Iets waarvan ze denken: gaat dit echt gebeuren, gaat dit echt lukken? Ik zeg ook altijd letterlijk tegen ze: ja, nu is het begonnen. We geven ze de positieve spanning terug, letterlijk met de Wish Coin die symbool staat voor belofte. Die coin heeft iets magisch, want wie weet helpt zo’n munt jou wel. Dat pakt. Geeft een kick. En als je al zoveel narigheid hebt gehad, is het geweldig dat er nu ook iets spannends aankomt dat wél leuk is. Ik kan dan enorm genieten van de glinsterende ogen. Dan weet ik: ze zien het allemaal al voor zich.’
Het lieve van een liefste wens
Kortom! Open vragen stellen, soms wat samen spelen, en –wat Gemma steeds benadrukt- heel goed luisteren en kijken, dan kom je als wenshaler uit op de liefste wens. Het kan dan soms diep gaan. ‘Een wens die ik niet zelf heb gehaald, maar waar ik wel bij de vervulling mocht zijn, was van een meisje dat zo graag nog een keer snoep wilde maken. Haar oma zei tegen mij: “Hier heeft ze nog zó op gewacht.” Het meisje was breekbaar. Een paar keer dacht ik: och jee, daar gaat ze. Twee uur na haar wensvervulling is ze overleden, het bleek dat ze ondanks haar ziekte ontzettend vast had gehouden aan dat ene idee: ik wil ooit snoep hebben gemaakt. Wat was dat dan? Het antwoord is verpletterend simpel: ze wilde zo graag lolly’s maken voor haar vriendinnetjes. Die wens was haar zo lief dat ze, zo ziek als ze was, er zo naartoe leefde dat ze het vol kon houden. Daar word je stil van.’
Ook vrijwilliger worden bij Make-A-Wish?